De reuzenpad in Australië

Een mooi voorbeeld van hoe de mens denkt een ecosysteem op een gunstige manier aan te pakken en dat dat volledig mislukt is de reuzenpad in Australië. De reuzenpad is een grote pad iets groter dan een hand van een volwassene. Hij lijkt op de Nederlandse en Belgische pad, maar dan een stuk groter. Tot zover informatie van Wikipedia.

Australië is uniek: doordat het afgelegen ligt, leven er heel veel diersoorten die nergens anders ter wereld leven. Bovendien hebben ze unieke afweersystemen omdat ze in zo’n uniek ecosysteem leven. Eén van de dieren die nooit leefde op Australië zijn de padden. En dat was het oorspronkelijke probleem: padden zijn goed in het eten van insecten en muizen die gewassen opeten. Australiërs in het noordoosten van Australië hadden geleerd van boeren in andere gedeeltes van de wereld dat de reuzenpad heel goed werkte als insectenverdelgers. Aangezien de Australiërs daar last van hadden, dachten ze dat het een goed idee was om de reuzenpad uit te zetten in Australië.

Het probleem met Australië was echter dat de reuzenpadden helemaal niet achter de suikerrietkevers aangingen. De reuzenpadden hadden geen diersoorten waar ze bang voor moesten zijn, want ze zijn giftig. Australische diersoorten kenden dat soort gif niet (bufotoxine), waardoor ze er geen afweer tegen hadden. Roofdieren gingen dood door in een reuzenpad te bijten, maar de reuzenpad zelf bleef leven. Het is dé perfecte bescherming, die in de rest van de wereld niet zo effectief is doordat diersoorten er al bestand tegen zijn.

De reuzenpadden die zich het snelste konden voortbewegen, konden zich in de gunstigste gebieden voortplanten: namelijk in de gebieden waar de reuzenpadden nog niet geweest waren. Daardoor ging de evolutie van de reuzenpad zéér snel. De reuzenpad met de langste poten die het snelste konden voortbewegen hadden een groot voordeel. Die zijn dus het snelst gaan ontwikkelen en zo zijn er ‘super’ reuzenpadden ontstaan, als je ze vergelijkt met reuzenpadden in andere gebieden van de wereld. Jammer genoeg voor de reuzenpadden zijn hun lichamen er nog niet volledig op aangepast, dus heeft ongeveer 10% van de reuzenpadden tegenwoordig artritis.

Doordat bepaalde roofdieren snel in aantal verminderden (zoals slangen, ooievaars, krokodillen en varanen) en de prooien van reuzenpadden ook, is het ecosysteem in Australië heel erg veranderd sinds de introductie van de reuzenpad. Dat de reuzenpadden niet achter de suikerrietkevers zijn aangegaan, komt omdat de suikerrietkevers zich anders gedragen dan de insecten waar de reuzenpadden oorspronkelijk op jaagden. Zoals dat de reuzenpad niet kan klimmen en de suikerrietkevers hoog in planten zitten, in tegenstelling tot hun oorspronkelijke prooien.

Tegenwoordig zijn veel Australiërs bezig met het uitmoorden van de reuzenpadden, omdat ze nu al een té grote plaag vormen, laat staan als het zo doorgaat. Padden zijn echter goed in het leggen van tienduizenden eitjes, waardoor ze heel snel in aantal toenemen. Inmiddels zijn roofdieren zich aan het ontwikkelen om de reuzenpad te kunnen verdragen, maar totdat zich dat volledig heeft ontwikkeld, is het moeilijk om er tegenop te vechten. Door de uitmoording van de reuzenpadden door de mens bestaat er nu mest gemaakt van reuzenpadden, wat gebruikt wordt op de akkers in Australië.

Hoe ver is de reuzenpad inmiddels gekomen? Ze zijn nu bijna overal in Australië te vinden, terwijl ze alleen in het uiterste noordoosten zijn uitgezet in de jaren 30. Zo snel kan een diersoort zich dus verspreiden.

Dit bericht is geplaatst in de categorie Natuur met de tag . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *