Volkskrant: “Experiment Ronde van Polen mislukt”

In de Ronde van Polen zijn er twee nieuwigheden toegevoegd door de UCI (Internationale Wielerunie): er werd gestart in ploegen van 6 renners in plaats van 8 en er was een attractiviteitsklassement met bonificatiesecondes. Minder renners is sowieso een succes als de etappes niet heel erg lang zijn: hoe minder renners, hoe minder controle. Dat was ook te zien op de Olympische Spelen waar Cavendish niet won doordat er maar 5 Engelsen meededen en zij het gat niet dicht konden krijgen. Het attractiviteitsklassement is niet heel simpel, maar werkt op de lange termijn zeker weten.

Als eerste zegt de Volkskrant dat het attractiviteitsklassement veel te ingewikkeld was en dat je een spreadsheet nodig had om er iets van te begrijpen. Ik zie niet wat er ingewikkeld aan is als bij elke tussensprint en bergsprint 3-2-1 punten voor respectievelijke de winnaar, de nummer twee en de nummer drie zijn weggelegd. Tel al die punten op en de top 3 met het meeste punten krijgt respectievelijk 30, 20 en 10 seconde bonificatie. Oké, het gaat buiten de normale puntentelling om van tussensprints en bergsprints, maar je hebt er echt geen spreadsheet voor nodig. Pen en papier is ruim voldoende, en zelfs uit het hoofd kan het ongeveer (wat vaak al genoeg is).

Ook zegt de Volkskrant dat het attractiviteitsklassement niet heeft gezorgd voor wijzigingen in het algemeen klassement. Dat klopt ook al niet: na de 5e rit stond Ion Izagirre in de leiderstrui doordat hij 10 seconde bonificatie had gekregen. Riblon kreeg in rit 2 10 seconde bonificatie en zonder die 10 seconden had hij gelijk gestaan met de nummer 4 in het eindklassement, terwijl hij nu 3e is geëindigd. Het zijn geen grote wijzigingen, maar wel belangrijke. Als Ion Izagirre niet in de leiderstrui reed in rit 6, reed zijn ploeg minder op kop en hadden andere ploegen op kop moeten rijden. Dat had kunnen zorgen voor een ander koersverloop. Hoe precies is natuurlijk niet te zeggen.

Als laatste zegt de Volkskrant dat het afgezien van de vierde rit geen nieuwe elementen toevoegde. In de vierde rit won Taylor Phinney doordat hij op 7.6km van de finish aanviel en wegbleef. Met 8 renners per ploeg was hij niet gaan aanvallen zei hij zelf en zelfs als hij wel had aangevallen, was hij niet weggebleven (het scheelde nu 0.9 seconde op de finish). Op 7 ritten, waarvan één tijdrit, is het een groot verschil dat één rit een totaal andere winnaar heeft gekend.

De Volkskrant sluit af met “de vraag is wat het oplevert” en ik zal zo vrij zijn om die vraag te beantwoorden: over de loop der tijd, als iedereen weet wat ze hebben aan de veranderingen, zullen teams en renners anders gaan moeten rijden. Renners die wat verder weg staan gaan aanvallen om extra bonificaties te halen. Renners die in de finale aanvallen hebben meer kans op een overwinning. Aangezien de meeste mensen (zelfs de meeste wielerfans) sprints het minst leuke vinden, zal de attractiviteit van wedstrijden toenemen. Dát levert het op.

Dit bericht is geplaatst in de categorie Wielrennen met de tag . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *