Twee keer op één dag trainen

Afgelopen zondag heb ik in Limburg gefietst en dat ging heel erg goed. Zelfs zo goed dat ik niet hard genoeg de heuvels op reed, want ik was achteraf niet écht super moe, ik zag het aan mijn hartslagen achteraf én ik heb ook geen spierpijn gehad. Jammer genoeg ben ik wel heel erg verkouden geworden van een veel te koude airco op de terugweg. Dus toen kon ik een paar dagen niet sporten.

Om dat weer goed te maken, bedacht ik mij om een keer iets geks te doen: twee keer op één dag sporten. Dat kwam ook nog eens goed uit, want mijn fiets staat bij mijn ouders en ik was deze ochtend nog in mijn eigen huis. Dus besloot ik om vanochtend te gaan hardlopen en deze avond te gaan fietsen.

Het hardlopen ging prima, ik gaf expres niet alles, want dan zou ik sowieso ‘s avonds niet meer normaal kunnen fietsen én ik zou tijdens mijn college tussen de middag telkens in slaap vallen. Dus heb ik rustig aan gedaan, maar zelfs van rustig aandoen krijg ik blaren. Dat ben ik inmiddels wel gewend maar het is een belangrijk detail. (Overigens: ik heb op internet gelezen van een wondermiddel dat heel goed zou zijn tegen blaren, dat ga ik dus binnenkort proberen en daar ga ik gegarandeerd over bloggen. Misschien kan ik wel ooit een marathon lopen zonder blaren. Stel je voor. Nu houd ik het 3km uit zonder blaren.)

Door die blaren kon ik niet ontspannen wandelen: mijn voeten waren de hele dag gespannen omdat ik niet teveel pijn wilde hebben. Niet dat de blaren vandaag zoveel pijn deden, maar het is een gewoonte om niet ontspannen te lopen als ontspannen lopen pijn doet (niet alleen bij mij toch? Volgens mij heeft iedereen dat). Daardoor waren de spieren in mijn benen ook de hele dag gespannen, want gespannen spieren in je voeten werkt naar boven toe door.

‘s Avonds wilde ik dus gaan fietsen, maar het wordt natuurlijk al redelijk vroeg donker en mijn college was pas om half 4 klaar. Daarna moest ik nog aan een opdracht met iemand werken en mijn idee was om zo snel mogelijk twee knopen door te hakken en dan weer weg te gaan. Hij is niet zo van de snelheid en nam hij ook nog eens doodleuk de telefoon op voor z’n werk wat twintig minuten duurde. Toen hij klaar was met bellen, duurde het nog exact één minuut voordat ik weg kon. Oftewel: ik had ook twintig minuten eerder weg kunnen zijn als hij even had gezegd dat hij zometeen zou terugbellen. Die twintig minuten hadden mij twee treinen gescheeld, omdat ik nu de trein net miste. Dus dat zou een half uur gescheeld hebben.

Toen ik eenmaal thuis was, mij héél snel omgekleed had en op de fiets kon springen, was het kwart voor 7. De zon ging onder om half 8. De straatlantaarns gingen aan om kwart voor 8. Dus ik moest mij haasten om nog te kunnen fietsen. Eigenlijk wilde ik anderhalf uur fietsen, wat precies zou kunnen als hij niet de telefoon opgenomen zou hebben. Het is gebleven bij een uur, waarvan ik het laatste kwartier met kramp heb gefietst omdat mijn benen de hele dag gespannen waren door de blaren in mijn voeten. Eigen schuld natuurlijk, maar dat is niet erg handig. Voor de rest ging het echt goed, die tweede keer trainen dan. Ik had verwacht dat het heel moeizaam zou gaan, maar kennelijk is twee keer trainen op een dag niet zo moeilijk als het klinkt, als je maar jezelf bij de eerste training een beetje in toom kan houden.

Dit bericht is geplaatst in de categorie Atletiek. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *