Dagje Ardennen

Wat ik zo geweldig vindt aan wielrennen, is dat je heel makkelijk ergens kan afspreken waar je nog nooit bent geweest om vervolgens een prachtig rondje te rijden langs plaatsen waar je nog nooit bent geweest. Afgelopen maandag heb ik dat gedaan, samen met vijftien (!) anderen, een record voor het forum via waar we elkaar kennen. Hoe dat in zijn werk gaat: op een gegeven moment bedenkt iemand ‘hé, laten we in april samen gaan fietsen’. Er komt een poll over de datum en over het gebied. Er komt een uitslag uit. En dan staat het vast. Dan is het hopen dat er veel mensen komen. Een mooie route bedenken. En fietsen maar!

Het stond al een maand of twee van te voren vast wanneer we zouden gaan. En tot nu toe is het dit jaar bijna altijd goed fietsweer geweest, of tenminste redelijk fietsweer. Dus ik had mij heel goed kunnen voorbereiden. Niet dat ik de beste zou zijn, want ik heb geen talent. Wel dat ik overal kon fietsen zoals ik wilde, zonder dat ik héél erg moeite moest doen om bovenop een heuvel te geraken. Vroeger… ging ik nog écht zwalkend steile heuvels op. Tegenwoordig rijd ik gewoon rechtdoor en gaat het prima.

Ik heb mijn best gedaan om hoog in de “uitslag” te komen, want ja, je bent een groepje mannen of niet, een uitslag moet er komen, zodat je je aan elkaar kunt meten. Mannen en competitie, wat is dat toch? Voor mij was hoog in de uitslag komen een top 5. Het was nog enigszins realistisch als alles mee zat. Al snel kwam ik erachter dat dat niet zo was. En of ik nou 6e, 7e, 8e, 9e of 10e zou worden, maakte mij niet uit. Dus heb ik ook een paar heuvels rustig omhoog gereden. Gepraat met mensen die slechter dan mij waren. Genoten van de natuur. En serieus mensen, er is zoooveel natuur dichtbij huis, er zijn zoooveel mooie plekken te ontdekken. Dat is één ding waar ik snel ben achtergekomen toen ik ging wielrennen.

Natuurlijk, zoals bij elke dag fietsen zijn er ook tegenslagen. Meestal zijn dat lekke banden, maar die hebben we niet gezien. Regen in een afdaling hebben we wel gezien en dat is echt niet aan te raden. Want wat worden je kuiten koud van het opspattende water. Iemand die met nog 2 van de 8 heuvels te gaan helemaal kapot zit is ook niet zo handig. Maar als je met 16 bent, is er altijd wel íemand die zich wil opofferen om de makkelijke weg naar de auto mee te rijden. En als niemand dat wilde doen, had ik het gedaan, maar ik wist precies hoe de route ging – want die had ik gemaakt – dus het was handiger als ik met de gewone groep meeging. En regen op de terugweg van het frietkot naar de auto is ook niet aan te raden. In de regen haastend de fietsen in de auto’s laden is niet erg leuk. Maar als dat alle tegenslagen zijn… teken ik ervoor om morgen weer te gaan.

Dit bericht is geplaatst in de categorie Wielrennen met de tag . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *